|
Trouw,
zaterdag 14, december 2002
Letter & Geest
"O mijn God, ik ben een atheïst"
Toen de Syriër Ammar Abdulhamid in de VS ging studeren werd hij in korte
tijd een fanatieke moslim die het zelfs tot imam schopte. Maar drie jaar
later kon hij niet meer geloven in wat hij uit moest dragen en nu heeft
hij een roman geschreven die pleit voor intellectuele en seksuele vrijheid
in de moslimwereld. Zijn kleine uitgeverij in Damascus gaat de klassieke
westerse denkers en enkele Nederlandse schrijvers uitbrengen in het
Arabisch: 'Dan zal er binnen twintig, dertig jaar een culturele
renaissance komen,in de Arabische wereld'.
De fundamentalist viel in 1989 van zijn geloof. Op een dag keek ik in de
spiegel en ik dacht: “o mijn God, ik ben een atheist." Hij raakte in een
diepe depressie, w lde zichzelf van kant maken. “Ondertussen schreef ik
wel mijn eerste poezie. Waarom deed ik dat? In' een maand tijd schreef ik
mijn eerste roman. Was het soms mijn testament? Ik.ging naar een docent en
ik vroeg wat hij van mijn werk vond. Hij zei: waarom probeer je geen
uitgever to vinden? Ik dacht: pubhceren? Dat betekent dat ik een toekomst
heb. Er bleek leven na de Religie! Door to schrijven werd ik verzoend met
mijn afvalligheid. Het was mijn manier om ermee in het reine to komen."
Ammar Abdulhamid (jeans, trui, paardenstaart) zit ontspannen in een
Amsterdams hotel, glas water bij de hand. Hij is hier vanwege de
Nederlandse vertaling van zijn debuutroman 'Menstruation' - een boek over
seks, vrijheid en islam in bet hedendaagse Syrie. Hij schreef het in bet
Engels ('De taal waarin ik heb leren schrijven') en bet verscheen vorig
jaar in Londen, bij de Arabisch-Engelse uitgever Saqi.
De
schrijver werd in 1966 geboren in Damascus, als enig kind van een beroemde
actrice en een al even beroemde regisseur. ,Ik ben altijd de zoon van
geweest." Geen benepen milieu, kort samengevat. Zijn vader is moslim,
zijn moeder stamt uit een christelijk-islamitische familie. Religie
speelde thuis nauwelijks een rol, zegt de zoon. “Het liet me tamelijk
koud."
Dat
veranderde toen hij in bet buitenland ging studeren. Via Engeland en
Moskou belandde hij in 1986 in de Verenigde Staten, aan de University of
Wisconsin. „Ik was in die tijd heel verlegen, wist niet hoe ik me moest
gedragen tegenover meisjes. Ik werd gekweld door onvervuld verlangen en
door angst. In bet buitenland ontdekte ik dat de islam me een soort macht
gaf-. ik was niet langer verlegen, ik was gewoon een strenggelovige. Ik
koos er zelf voor, niemand dwong me ertoe. Ineens durfde ik op mensen of
to stappen. Ik bouwde voor mezelf een personage, ging helemaal in het
zwart gekleed. je hoort vaak dat Amerikanen moeite met moslims hebben,
maar dat was helemaal niet zo. Ik was aardig tegen hen, zij waxen aardig
tegen mij."
Hij
stopte met zijn studie astronomie en verdiepte zich met grote ijver in de
islam. In recordtijd kon hij de Koran reciteren. “Vanwege mijn kennis over
de hadith en de islamitische geschiedenis maakten ze me imam. Ik ging voor
in het gebed, ik hield de vrijdagpreek, ik gaf lessen. En ik bekeerde
zelfs enkele mensen - helaas, zeg ik nu. Het was een geweldige tijd. Als
ik me alleen voelde, wist ik dat God met me was. Ik kon op mijn geloof
terugvallen, zelfs op de eenzaamste momenten."
In
1989 raakte Ammar Abdulhamid, zelf soenniet, betrokken bij een conflict
met de sjiieten in de islamitische gemeenschap. “Ik begon aan een
traktaat tegen hen. Maar aan bet eind van mijn onderzoek was ik
gedesillusioneerd over de sjiieten en de soennieten. Ik realiseerde me
dat beide bewegingen sterk beinvloed zijn door de cultuur. Ik zag de
politieke kanten ervan, en ik vond bet vreselijk." Precies in die
periode speelde de Rushdie-affaire. “Stukken uit Rushdie's boek
circuleerden onder moslims, die had ik gelezen. Ik werd geinterviewd door
de Los Angeles Times. ik zei: bet is een heel slecht boek, een westerse
samenzwering. Maar toen ze veregen naar de doodstraf voor Rushdie zei ik
dat dat belachelijk was. Ik vond: we moeten dit boek bekritiseren, niet de
auteur doden. Dat leverde me nog veel problemen op bij de Iraniers daar.
Vlak daarna besloot ik to stoppen met bet imamschap. Blijkbaar geloofde
ik niet meer in wat ik moest uitdragen. Ik verscheurde bet traktaat: dat
ging over haat, en ik wilde niet langer haat verspreiden."
Ammar Abdulhamid ging terug naar de universeteit, nu om geschiedenis te
studeren. Hij was nog steeds leider van een islamitische
studentenvereniging, maar r v werd ' almaar gematigder', zegt hij. Ben
conferentie met christenen, joden, moslims en humanisten was de druppel.
“lk zat to luisteren en ik besefte ineens dat ik me nog het meest
thuisvoelde bij de humanistische filosofen."
Sindsdien noemt de schrijver zichzelf onbekomerd atheist. “Maar ik ben
niet antireligieus. Als Je me to veel opgaat in rationalisme vergeet Je
dat mensen ook spirituele behoeften hebben. Ik ben niet arrogant. Ik ben
best bereid toe to geven dat er dingen in dit universum zijn die
onbegrijpelijk zijn. Die ambivalentie vind ik heerlijk, die houdt me
vrij.”
De
Koran heeft voor hem afgedaan. “Ik geloof niet meer in heilige teksten. De
Koran is niet het Woord van Allah. Ik bedoel: wie is Allah? De Koran is
zelfs niet voor honderd procent de schepping van Mohammed. Anderen voegden
er passages aan toe." En als hij moest kiezen tussen Mohammed en Jezus,
dan wist hij het wel. Hij telt of op zijn vingers. “Jezus stierf voor
zijn overtuigingen, hij sloot geen compromissen, en hij wilde geen
staatshoofd zijn. Jezus wilde zijn ethiek niet omvormen tot een politiek
systeem. Mohammed had vanaf het begin politieke bedoelingen. En als je
politiek bedrijft, moet je compromissen sluiten. Eerst riep Mohammed:
waarom vervolgen jullie mij, terwijl ik alleen maar zeg dat God een is?
Hij vroeg, met andere woorden, om religieuze vrijheid. Aan het eind van
zijn leven verbood hij anderen om hun godsdienst to praktiseren. Dat vind
ik heel onaangenaam."
Sinds 11 september 2001 stijgt de ster van Ammar Abdulhamid. Hij is een
geziene spreker op internationale dialoogconferenties. Zijn debuutroman
is inmiddels vertaald in vijf talen. Nee, er is nog geen Arabische
uitgave, maar daar wordt, verzekert de auteur, aan gewerkt. “Ik hoop dat
de vertaling volgend jaar zomer klaar is. Waarschijnlijk verschijnt het
boek eerst alleen op internet.
Jammer genoeg kreeg 'Menstruation' in Nederland de slappe titel Ten
verborgen leven' mee, en een cover die ten onrechte harem-erotiek
suggereert. Spijtiger nog: de Nederlandse editie volgt verder wél
nauwkeurig de Engelse uitgave. Een gemiste kans, want 'Menstruation'
blijkt een geamputeerd boek. Er ontbreekt, om precies to zijn, een heel
hoofdstuk.
'Als een fundamentalist je eenmaal respecteert, zal hij op een dag niet
meer, in staat zijn een systeem te steunenl dat jou je vrijheid ontneemt'
Uitgeverij Saqi eiste van de auteur dat hij het slothoofdstuk drastisch
bewerkte óf wegliet. De rest
van
het boek is al tamelijk gewaagd, het laatste hoofstuk bevat een
hartstochtehjk pleidooi voor intellectuele en seksuele vrijheid in de
moslimwereld. En de Profeet wordt erin afgeschilderd als een
machtswellusteling.
Ammar Abdulhamid: “Bij Saqi zeiden ze dat het to v eel een manifest was.
Ze vonden het niet literair genoeg. Maar dat is onzin, de hele roman is
een manifest, dat is precies mijn bedoeling. Ik heb een boodschap. Ik
wilde een boek schrijven met personages die zich afkeren van hun religie
- net als ikzelf heb gedaan. De echte reden dat Saqi het niet aandurfde
was dat de tekst to controversieel is. Te beledigend voor moslims."
De
debutant ging akkoord met de rigoureuze ingreep. “Ik wilde eindelijk
weleens gepubliceerd worden. En daar heb ik geen spijt van, bet is mijn
doorbraak. Mijn eerste twee romans zijn nooit verschenen. Niemand zei: ze
zijn slecht, of je stijl is niet goed - daar zou ik naar luisteren.
Uitgevers durfden het gewoon niet aan. Dit zal een probleem blijven. De
fundamentalisten hebben een atmosfeer gecreeerd in de wereld waardoor
iedereen bang is om zijn vingers te branden."
(Bij
zijn Nederlandse uitgever, De Geus in Breda, blijken ze niets to weten van
een geschrapt laatste hoofdstuk. De Nederlandse vertaling volgt de editie
van Saqi. Overigens staat het gewraakte slothoofdstuk integraal op
Abdulhamids Engelstalige website:
www.amarji.org/menstruation/conferen.htm).
Ammar Abdulhamid heeft geen idee of hij, door zijn publicaties, in
moeihjkheden zal komen. In Syrië laten ze hem vooralsnog met rust.
Lachend: “Ze zouden me een groot genoegen doen als ze me zouden
vervolgen. Dan zou ik beroemd worden! En mensen in het Westen zouden actie
voeren voor die arme schrijver. Het kan me niet schelen, laten ze me maar
oppakken."
Het
zal wel loslopen, denkt hij. “Ik ben een individuele stem, geen politieke
partij - dat scheelt. In Syrië groeit het fundamentalisme, maar er is nog
steeds ruimte voor diversiteit. En ik ben niet de enige; er zijn oudere,
zeer kritische Syrische intellectuelen die gewoon getolereerd worden. Zij
hebben een zekere internationale statuur, en dat helpt. Het feit dat mijn
roman in een aantal talen is vertaald biedt mij nu ook een soort
bescherming. Maar je weet nooit wanneer ze van gedachten veranderen.
Openlijk kritische romans zijn zeldzaam in Syrië. Ik verwacht wel dat
'Menstruation' er verboden zal worden.”
Nee,
zegt hij, zo uitzonderlijk is hij niet in de moslimwereld. “Er zijn meer
mensen die van hun geloof vallen. Mijn weg was alleen langer” en ik zat
er dieper in." Natuurlijk” denkers zoals hij vormen een minderheid. “Maar
een groeiende minderheid. Inderdaad” dat weten jullie in het Westen niet.
Wij zijn niet gewelddadig” wij trekken geen aandacht. De fundamentalisten
wél met hun terroristische daden. Wie spreekt over de vrijdenkers? Het is
een stille revolutie” erihet gebeurt heel beschaafd." Het fundamentalisme
voert een achterhoedegevecht” meent Ammar Abdulhamid. “Als
fundamentalisten zichzelf zouden kunnen rechtvaardigen met argumenten”
zouden ze bet doen. Maar dat kunnen ze niet, ze zijn intellectueel heel
zwak. Fundamentalisten kunnen zichzelf alleen rechtvaardigen door geweld.
Ze denken dot angstverspreiden de beste tactiek is. Dat ze door chaos to
veroorzaken het kapitalisme zullen vernietigen. Ze beseffen niet dat het
niet gaat oin het kapitalisme. In essentie is fundamentalisme een reactie
op de moderniteit. En die gaat niettenonder als je het WTC naar beneden
haalt. Die zit niet in de fysieke structuur” die zit in de hoofden."
Het
opheffen van de economische ongelijkheid tussen het rijke Westen en de
arme rest - hoe noodzakelijk ook -za1 volgens hem geen einde maken aan
het terrorisme. En ook als het Palestijns-IsraëIische conflict zou worden
opgelost zal het niet stoppen: “lk vind dat je eerlijk moet zijn. Mocht
er ooit vrede komen in bet Midden-Oosten” dan zullen de terroristen een
nieuw excuus zoeken."
Uiteindelijk zit het probleem in de strenggelovigen zelf, zegt Ammar
Abdulhamid. “Ik weet datveel mensen dat onzin vinderi, maar geloof me: ik
heb er tot over mijn oven in gezeten. Elke mosiiniftindamentalist
denktdat zijn religie het cen~rum van het universum is. Hij denkt dat hij
de waatheid aan zijn kant heeft, en hij ontzegt anderen hun waarheid. In
werkelijkheid staan moslims in de marge van deze wereld, in alle
opzichten. Dan zijn er twee mogelijkheden: óf je sluit jezelf af zoals de
Amish doen,
óf
je richt je woede op de machtigste van deze wereld, de Verenigde Staten.
Toch zullen moslims ooit de moderniteit moeten aanvaarden. Ze zullen
moeten inzien dat ze een van de vele religies aanhangen. Hun daarvan
overtuigen zal heel” heel veel tijd kosten. Maar het gaat gebeuren."
Dat
klinkt erg optimistisch. “Natuurlijk. Dat moet ik zijn. Ik moet hoop
houden. Waarom zou ik anders doorgaan?" Enthousiast vertelt hij over de
kleine uitgeverij die hij runt met een paar vrienden in Damascus. “Kant,
Rousseau, Descartes, Hobbes, Locke - ze zijn niet beschikbaar in het
Arabisch. Wij willen dive klassieke westerse denkers vertalen. Daar
zoekenwe nu fondsen voor. Ik ben bij het Literair Produktiefonds geweest,
hier in Amsterdam. Dat gaat ons subsidieren om Nederlandse klassiekers uit
to brengen in het Arabisch: Multatuli, Mulisch, Couperus, Nooteboom."
Gedreven: "Twintig, dertig jaar moet genoeg zijn. Als deze klassieke
werken beschikbaar zijn in goedkope edities en op internet” dan zal er eeu
culturele renaissance komen in de Arabische wereld. Dan zullen mensen in
het Oosten méér begrijpen van de westerse wereld. Ze zullen inzien hoe
democratie werkt: dat het daarin gaat om de wil van de meerderheid” plús
respect voor minderheden. Dit tweede wordt altijd vergeten. Vroeg of laat
zullen we ons ontwikkelen in dezelfde richting. Democratie is nu eenmaal
het beste politieke systeem dat mensen kunnen bedenken. Niet perfect, we
zijn geen goden, maar het best mogelijke. Wie wil er nou slaaf zijn?"
Intussen is, voor het ]even van alledag, 'contact houden' met diepgelovige
moslims volgens hem het beste recept. “Ik weet uit ervaring: je bereikt
bet meest als je hun vertrouwen wint. Gewoon, op de werkvloer, in de
buurt, op school. Isoleer ze niet, en laat je door hen met isoleren. je
moet ze gewoon aardig behandelen. Dan verdien je hun bewondering, en dan
kun je de barrière doorbreken." Hij vertelt over een vriend in Damascus,
een fundamentalist. “Toen hij hoorde dat ik atheïst was geworden,
reageerde hij verbijsterd. Hij zei: hoe kan dat nou, waarom steel je dan
niet? Ik ben altijd vriendelijk gebleven tegen hem. Nu preekt hij niet
meer tegen me. Je ziet dat hij langzaam openminded wordt." Beslist: “Als
een fundamentalist je eenrnaal respecteert, zal hij op een dag met meer in
staat zijn een systeem te steunen dat jou je vrijheid ontneemt”.
Ammar Abdulhamid: Een verborgen leven. Uitgeverij De Geus, Breda. ISBN
9044501003; 188 blz, 18,00 euro.
|